Johanneskerk

  • 1860

Voor een klein terpdorp als Oosthem, is de Johanneskerk opvallend groot. Hij dateert uit de tijd van het Fries Reveil, een opleving van protestantse vroomheid rond het midden van de 19e eeuw. Die opleving bracht grote aantallen kerkgangers van verder weg op zondag naar Oosthem, om daar vermaarde Reveil-predikanten te horen preken. De bestaande kerk kon die belangstelling niet aan, dus werd er in 1860 een nieuw godshuis gebouwd. Voor maar liefst 400 mensen.

De Sneker architect Albert Breunissen Troost tekende een ontwerp in een typisch 19e-eeuwse mengstijl, met vooral neo-classicistische en neo-barokke trekken. Dat zie je onder meer terug in de strakke geleding van het schip met een ritme van boogvensters en lisenen of halfzuilen. De geveltoren in het witgestucte kerkfront is uitgedost met rechtlijnige halfzuilen en sierlijsten. Rondom ontdek je veel cirkelvensters, in verschillende formaten. Ook in de gevel van het koor, dat onderdak biedt aan de consistorie.

In het witgepleisterde interieur valt vooral de ruimhartige breedte op. Boven je hoofd zul je hier geen zware houten balken zien, de druk van de muren wordt opgevangen met metalen trekstangen. De kozijnen van de boogvensters zijn ook uitgevoerd in metaal. Bijna het hele interieur is nog uit de bouwtijd. Dat geldt ook voor de petroleumlampen, waarin tegenwoordig wel electrisch licht brandt. Het imposant ogende orgel uit 1838 komt nog uit de vorige kerk die in 1860 werd afgebroken.

Informatie
Openingstijden
Faciliteiten