Mariakerk

  • Westwerk ca. 1200, kerk 1913
  • Protestants
  • Meubilair in vernieuwingsstijl

Van het hele Friese kustgebied staat deze kerk het dichtst bij de zee; meteen achter de zeedijk. Een prachtig gezicht.

Het gebouw is omstreeks 1200 van tufsteen gebouwd en daarvan resteert nog het hele westwerk met zadeldaktoren. In 1912 zijn het schip met pseudotransept, aangebouwde consistorie en het koor nieuw gebouwd. Het vernieuwde deel kent rondboogfriezen onder de daklijst en grote rondboogvensters. Die laatste zorgen voor een licht interieur, waarin het meubilair in vernieuwingsstijl goed tot zijn recht komt.

+ Meer informatie

Extra informatie:

Van het hele kustgebied staat de Mariakerk van Wierum het dichtst bij de zee; meteen achter de zeedijk. De kerk is omstreeks 1200 van tufsteen gebouwd. In 1912 is het schip met koor vervangen door nieuwbouw, waarbij de ingebouwde toren met gereduceerd westwerk bleef gehandhaafd. Deze westelijke partij bestaat uit de tufstenen toren met overwelfde zijruimten op de begane grond en op de verdieping. Ze waren oorspronkelijk zowel met de toren en dus onderling, als met het kerkschip met bogen verbonden. Binnen zijn veel van de rondbogige doorgangen en veel gewelven, zij het deels gerepareerd of dichtgezet, nog aanwezig. Aan de buitenzijde heeft de westelijke muur een verzwaarde middenpartij, waarin beneden in het tufsteenwerk een brede korfboog van een oude ingang met rode baksteen is dichtgezet en voorzien is van een smallere 15de- of 16deeeuwse spitsboognis waarin de deur is geplaatst. Aan weerszijden zijn de vleugelmuren aan elke zijde versierd met een spaarveld van verschillende hoogte dat gedekt is door een rondboogfries. Hogerop zitten een klein rond venster en een lichtspleet. De zuidmuur van het westwerk wordt eveneens bekroond door een rondboogfries. Er staat een klein, niet oorspronkelijk venster in. De noordmuur vertoont een vrijwel compleet spaarveld tussen lisenen en een bekroning van een rondboogfries en hierin staat een oorspronkelijk, maar dichtgezet romaans rondboogvenster. De torenopbouw heeft verhogingen in rode baksteen, maar aan twee zijden weer rondboogfriezen van tuf. Aan alle zijden zitten grote, rondbogige galmgaten. De geveltoppen zijn uit 1819 en op het zadeldak staat een grote windvaan in de vorm van een aak.

Het mogelijk naar ontwerp van A. Oosterbaan uit Ternaard gebouwde schip heeft aan de zuidzijde een pseudotransept en aan de noordzijde een uitgebouwde consistorie. Het schip bezit grote rondboogvensters en rondboogfriezen onder de daklijst. De kerkruimte wordt gedekt door een houten gewelf met trekstangen. Tegen de oostelijke sluiting staat de preekstoel met klankbord en op de westgalerij het orgel.

- Minder informatie

Activiteiten

Informatie
Openingstijden
Faciliteiten