Sint-Margaretakerk

  • Romaans
  • 12de eeuw, toren 1854 om romaanse kern, sacristie 13de/19de eeuw
  • Protestants
  • Meubilair, preekstoel en doophek, orgel

Op een grotendeels afgegraven terp staat deze aan Sint-Margareta gewijde kerk. De kerkmuren zijn op sommige plekken een mozaïek van steensoorten. Zo is in de noordelijke muur onder meer tufsteen te zien. Daar staat de sacristie aangebouwd met een vrij jonge uitdossing. Deze stamt weliswaar uit de vijftiende eeuw maar kreeg bij een verbouwing in de negentiende eeuw zijn huidige uiterlijk.

De toren is in de kern mogelijk nog romaans. In 1854 verruilde deze zijn zadeldak voor een ingesnoerde spits. Opvallend is verder het ‘spitsje’ (een dakruiter met angelusklokje) op het kerkdak.

Binnen valt de rijk gesneden preekstoel te bewonderen en verder het doophek met fraaie balusters (spijlen), de mannen-, vrouwen- en herenbanken, de tekst- en rouwborden en het orgel uit 1867 boven een mooie scheidingswand.

+ Meer informatie

Extra informatie:

De aan Sint-Margareta gewijde kerk staat op een grotendeels afgegraven terp en dateert oorspronkelijk uit de 12de eeuw. Zij kreeg in de 13de eeuw een rondgesloten koor en is in de 15de eeuw vernieuwd. De enigszins ingedeukte zuidelijke muur bestaat uit gele kloostermoppen en reparaties van kleine gele baksteen, maar in enkele velden zit ook nog tufsteen. In deze muur staan grote spitsbogige vensters en een sierlijke poort uit 1655. De koorsluiting vertoont eenzelfde menging van gele baksteen in verschillende formaten. Aan de zuidzijde zit een dun spoor van een rondboogvenster en aan de noordzijde een dichtgemetseld geprofileerd venster van dit model. De noordelijke muur buikt wat uit en bevat allerlei bouwmaterialen en kleuren; ook aanzienlijke stukken met tufsteen. Er zijn sporen van kleine, dichtgezette rondboogvensters van verschillende formaten en aan de westzijde van een fraaie, dichtgemetselde ingang, een poort onder een gedrukte segmentboog geplaatst in een geprofileerde spitsboognis die weer is omvat door een rechthoekig rondstaafkader.

De toren is in de kern mogelijk nog romaans. In 1854 is naar ontwerp van Frederik Stoett het zadeldak vervangen door een ingesnoerde spits en de romp ommetseld. Deze laat nu drie geledingen zien met door ondiepe rondboognissen verlevendigde gevelvakken. Op de naald van het kerkdak staat op de overgang van schip naar koor een dakruiter met angelusklokje. Aan de noordzijde is bij de overgang van schip en koor in de 15de eeuw een sacristie aangebouwd die in de 19de eeuw sterk is verbouwd.

De inventaris onder een spitsbogig houten tongewelf dateert voornamelijk uit de 18de eeuw: de lambriseringen, de rijk gesneden preekstoel (1755) met klankbord en de personificaties van de deugden, het doophek met fraaie balusters, de mannen- en vrouwenbanken en de tekstborden. De overhuifde herenbank in ingetogen fraaie renaissancevormen tegenover de preekstoel is al van 1604. De twee rouwborden (1664 en 1695) gedenken leden van de familie Hettinga. Willem Hardorff uit Leeuwarden bouwde in 1867 het orgel dat plaats kreeg op een tribune boven een fraaie scheidingswand uit de 18de eeuw.

- Minder informatie
Informatie
Openingstijden
Faciliteiten